VERHALEN VAN VER (DEEL 1)

 

 

TestSprookjesbos

Het vlot

 


Het was een benauwde zomermiddag. Vage zonnestralen baanden zich een weg door een licht nevelachtige lucht. De wereld leek sloom en loom en alles voelde klam en plakkerig aan. Geen wonder dat er vandaag zoveel mensen aan het strand te vinden waren. Gelukkig was het zomervakantie, dus kon iedereen x96 nou, bijna iedereen x96 lekker doen wat hij of zij wilde. Maar terwijl de halve wereld leek te luieren aan het strand waren Tobias en Sebastiaan hard aan het werk. Ze bouwden een vlot in het bos. Sebastiaan en Tobias hingen gebogen over een aantal aan elkaar geknoopte planken, die het vlot moesten gaan vormen.

x91Kun jij de rest van de planken erbij pakken, Tobias? Ik denk dat ik weet hoe we de rest er het best op kunnen krijgenx92, zei Sebastiaan, terwijl hij iets leek te bestuderen. Zijn felblauwe ogen leken door het hout te priemen. Een heel contrast met Tobias zijn donkerbruine kijkers. Je zou bijna niet zeggen dat het broers waren. Sebastiaan met zijn blonde haren, sproeten, felblauwe ogen en lichte huid en Tobias met donkerbruine haren, ogen en een huidje dat snel bruinde in de zon. Toch was het zo, ze waren twee volbloed broers.
Tobias veegde de zweetdruppels van zijn voorhoofd en liep naar het stapeltje zwerfhout dat ze de afgelopen week her en der hadden verzameld. Geen enkele plank was even groot, even dik of had ook maar dezelfde kleur, maar de broers waren tevreden over hun buit. In het bos lag een meer en dat was de reden geweest van hun plan. Een perfecte aanleiding om de technieken van de padvinderij uit te proberen op deze oude planken!
Het was maar goed dat ze het zo druk hadden, want zo konden ze de warmte vergeten. Zelfs met alleen hun korte broek aan onder de grote bomen was het warm. Er kwam bij het bouwen nog heel wat pas en meetwerk aan te pas en het knopen kostte flink wat aandacht, nauwkeurigheid en kracht. Zo gebeurde het dan ook dat Sebastiaan en Tobias zo in hun werk verdiept waren, dat ze niet merkten dat er ondertussen iemand tussen de bomen door was komen wandelen en plotseling vlak achter ze stond.
x91Waar zijn jullie mee bezig?x92, klonk een stem achter ze.

 

Nieuwkomer

 


Beide broers schrokken en draaiden zich vlug om. Toen ze opkeken zagen ze daar een meisje staan. Gitzwart haar, nieuwsgierige donkerbruine ogen ongeveer van hun leeftijd en gekleed in een slonzige tuinbroek.

Even stonden ze elkaar roerloos aan te staren, maar toen draaide Sebastiaan zich weer om en ging verder met het vlot.
x91Gaat je niks aan wat wij aan doen zijnx92, mompelde hij. Ze hadden het te druk voor meisjes.
x91Waarom niet?x92, vroeg het meisje brutaal en keek daarbij naar Sebastiaans rug.
Sebastiaan gaf geen antwoord en Tobias was nog te verbaasd om iets te zeggen. Hoe kwam het dat ze haar helemaal niet hadden horen aankomen?
Het meisje wendde haar blik op Tobias.
x91Dat is een mooi stukje werkx92, zei ze, terwijl ze naar het vlot wees. x91Dank jex92, antwoordde Tobias die nu ook doorwerkte.
x91Maar ik kan het beterx92, zei het meisje uitdagend.
Sebastiaan keek op. Zijn blik was fel.
x91Oh ja? Ik geloof je niet en bemoei je met je eigen zakenx92, zei hij even uitdagend.
Nog steeds trok het meisje zich er niets van aan.
x91Het is onbeleefd om je niet voor te stellen. Hoe heten jullie?x92, vroeg ze weer.
De broers werkten stil door.
x91Ik eis dat jullie zeggen wie jullie zijnx92, zei ze op vaste toon. x91Als eigenaar van dit bos heb ik het recht te weten wie jullie zijnx92
Nu zakte hun broek af. Het meisje blufte en schaamde zich er niet eens voor.
Sebastiaan had er genoeg van. x91Luister eens meisje, ga je nou nog weg of niet?x92
x91Misschienx85. Als je eerst vertelt wie je bentx92, daagde ze uit.
Tobias keek afgespannen naar wat zijn broer zou doen. Deze zuchtte, rolde zijn ogen naar de lucht en liet zijn schouders hangen. Hij gaf het op.
x91Ik heet Sebastiaan en mijn broertje hier heet Tobias, zo goed?x92, zei hij met tegenzin.
x91Beter,x92antwoordde het meisje. x91Zijn jullie nieuw in de buurt?x92, vervolgde ze.
x91Wacht eens, je zei dat je nu weg zou gaanx92, merkte Sebastiaan op.
x91Misschien, zei ikx85x92, plaagde ze.
Sebastiaan stond paf, maar voordat hij de kans kreeg om boos te worden antwoordde Tobias, x91Ja, we zijn net in het dorp komen wonen. We komen uit de stad. En jij? Woon je hier allang?x92
x91Ik woon hier mijn hele leven alx92, antwoordde het meisje. x92En dit bos ken ik als de binnenkant van mijn broekzak. Als jullie willen kan ik het jullie laten zien.x92
Tja, dat was best handig. Dat moest zelfs Sebastiaan toegeven. Tobias was nieuwsgierig en een rondleiding konden ze goed gebruiken. Sebastiaan trok zijn schouders op. x91Als we klaar zijn met het vlot, misschienx85x92, zei hij, terwijl hij aan zijn vingers pulkte. Jammer, Tobias had best nu meer van het bos willen zien, maar zijn broer had gelijk. Het vlot moest af. Bovendien leek het alsof hij een paar regendruppels had gevoeld zojuist. Ze moesten opschieten, voordat hetx85
Plotseling, toen het drietal net uitgepraat leek, begon het vanuit het niets te regenen. Keiharde regen, alsof iemand een douchekraan had aangedraaid zonder waarschuwing. De broers keken van het vlot naar hun fietsen en naar elkaar. Zouden ze dan maar snel naar huis fietsen? Maar voordat ze daarover konden nadenken riep het meisje, x91Kom, snel! Ik weet een huis hier vlakbij. Daar kunnen we schuilen!x92 Ze zette het op een rennen. Zonder na te denken snelden de broers achter haar aan. Ze renden langs plekken waar ze nog nooit waren geweest en voor ze het wisten doemde er een huis op. Op het eerste oog bijna onzichtbaar. Zo begroeid was het huis. Het zag er vervallen en ook een beetje griezelig uit, maar het meisje stond al bij de deur. Sebastiaan en Tobias stopten met rennen en liepen aarzelend richting de deur. Het meisje wenkte ze, x92Kom op, of willen jullie buiten in de regen blijven staan?x92
De broers keken elkaar aan.
x91Of zijn jullie bangx85?x92, hoonde ze.
Echt niet! Ze zouden het huis ingaan. Lafaards waren ze niet. Het idee! Eenmaal binnen konden ze weinig zien. Het was schemerig en hun ogen moesten eraan wennen. Ineens schoot Tobias iets te binnen, x91Hoe heet jij eigenlijk?x92
Het was een beetje donker, maar hij kon zien dat het meisje voor het eerst glimlachte, x91Ik heet Rosax85 en welkom in mijn clubhuis.x92

11 June 2010
By on 22:02
BROEM: het bromvliegje dat niet kon bromvliegen

Bromfiets_en_broemBroem_resqueEen bromvliegje kroop uit het ei. Zijn oogjes zagen voor het eerst zonlicht en zijn vleugeltjes waren nog nat. Onwennig hobbelde hij wat rond over de koeienvlaai, waar zijn moeder hem zorgvuldig had geworpen. Voor vliegen is het de doodnormaalste zaak dat ze hun eitjes ergens stoppen waar het lekker warm is en voldoende voedsel is en hoe stinker voor ons mensen, des te beter voor vliegen. Eerst had hij zijn buikje rond gevreten als made en daarna was hij gaan slapen. Terwijl hij sliep veranderde hij langzaam maar zeker van uiterlijk. Hij ontpopte zich tot de vlieg die hij nu was.

Broem, zo heette deze vlieg. Zijn moeder had op elk eitje x96 dus ook op die van zijn broertjes en zusjes -  hun namen geschreven. Ja, want ook vliegen kunnen lezen, schrijven en tekenen, alleen dan wel in een andere taal: insectentaal. Broem was een bromvlieg, maar nog niet een volwaardige bromvlieg. Om een ECHTE bromvlieg te worden moest hij zijn rijbewijs halen.                                                                             

Misschien heb je je wel eens afgevraagd waarom bromvliegen altijd zo een lawaai maken. Wel dat zit zo. Zodra ze geen made meer zijn, maar vlieg, gaan ze naar de dichtstbijzijnde brommerschool. Net zoals ze meteen weten waar ze eten kunnen vinden, weten ze ook deze school te vinden. Het is hun instinct dat ze vertelt waar ze moeten zijn. Deze slimme insecten leren op de brommerschool in xe9xe9n dag hoe ze moeten rijden op een brommer en vliegen tegelijkertijd. En als ze hun rijbewijs gehaald hebben, dan maken ze stad en land onveilig met hun brommertjes. Wij mensen kunnen de brommers niet zien, omdat ze zo klein zijn dat we een heel goede microscoop nodig zouden hebben om dit fraaie voertuigje te kunnen bekijken. Maar we kunnen ze wel horen.

Broem had zijn zes pootjes een beetje gestrekt en zijn vleugeltjes waren nu droog. Hij wist dat hij naar school moest, want hij hoorde vlakbij al een bel luiden. Dit betekende dat ze bijna zouden beginnen met de les. Zijn broertjes en zusjes waren al vertrokken. De eierschaaltjes lagen er leeg en verlaten bij. Haast maken dus. Snel nog een hapje vlaai en weg was hij. Broem sjeesde het klaslokaal nog net op tijd binnen. De leraar keek een beetje afkeurend naar Broem, maar deze was al blij genoeg dat hij op tijd was voor de belangrijkste les van zijn leven. Een echte bromvlieg worden was al zijn droom sinds hij nog een kleine, dikke made was.                                                                                              

Eerst kregen ze allemaal een boek waar de verkeersregels in stonden en ook hoe ze hun brommer moesten besturen. Dit moesten ze helemaal uit hun hoofd leren. Na een paar uurtjes kregen ze een toets. Iedereen slaagde met vlag en wimpel. Nu pas begon het moeilijkste gedeelte. Buiten stonden de brommertjes al klaar voor iedereen. Het echte bromvliegen zou nu geleerd worden. Broem had een mooie, rode brommer, helemaal voor zichzelf. Vliegen en brommeren tegelijk was een moeilijke taak.                                                                                                  

Hortend en stotend bracht hij zijn brommer op gang. Daar ging Broem. Hij reed rondjes op het plein. Mooi zo, zou je denkenx85 Maar nee. Hij vergat te vliegen! Terwijl iedereen al een stukje had gevlogen met de brommer, brommerde hij zonder te vliegen of vloog hij zonder te brommeren. Op de een of andere manier kreeg hij het niet voor elkaar om het allebei tegelijk te doen. En als het hem voor eventjes lukte knalde hij algauw tegen een plant of boom aan die op zijn weg stond. Arme Broem. Aan het einde van de dag had iedereen x96 ook zijn broertjes en zusjes -  een rijbewijs gehaald, terwijl hij nog rondtufte op het schoolplein. Het lukte maar niet en hij maakte de ene blunder na de andere. Zo ging het ook de volgende dag en de volgende en de volgende. Broem was erg verdrietig.                                                                                                  

Hij begon de hoop op te geven toen hij de derde dag na zijn eerste les het bromvliegen nog niet onder de knie had. Drie dagen, ja dat is een hele lange tijd voor een bromvlieg. Bromvliegen leven niet zo lang als wij, dus is het niet verwonderlijk dat Broem er serieus over nadacht om zijn pogingen te staken en verder door het leven te gaan als een gewone vlieg. Met wat geluk zou hij het bromvliegen geleerd hebben als hij oud en bejaard was en dan zou hij misschien wel regelrecht zijn graf in bromvliegen, dacht hij somber. Zuchtend besloot hij zijn brommer voor eens en altijd af te geven aan de brommerschool. Hij draaide zich teleurgesteld om, toen hij plotseling

"Help!" hoorde roepen. Eerst was het niet zo duidelijk, maar algauw werd het steeds luider. Een grote paniek klonk in het angstige geschreeuw van een insect in nood. Broem draaide zich om en het duurde niet lang voordat hij ontdekte waar het geschreeuw vandaan kwam. Niet zo ver van hem vandaan hing een spinnenweb tussen de takken van een rozenstruik en midden in het web hing een lieveheersbeestje gevangen die vocht voor zijn leven. Een dikke vette kruisspin was verrukt, want hij zou vandaag een fijn feestmaal eten. De spin naderde al potenwrijvend het arme lieveheersbeestje. Deze voelde er helemaal niets voor om als het hoofdgerecht van de watertandende kruisspin te eindigen.

x93Help!x94, schreeuwde het slachtoffertje nog iets harder.

Broem dacht geen seconde na. Hij pakte zijn brommer en vloog ermee richting spinnenweb. x93Houd me vast!x94, schreeuwde hij het lieveheersbeestje toe voordat hij met topsnelheid dwars door het web vloog en de spin spinnijdig achter zich liet. Het lieveheersbeestje was meegelift. Hij was gered!                                                                                                   

Eenmaal op de grond gekomen bedankte hij Broem wel tien keer. Wat ze alleen niet wisten, was dat het geschreeuw zoveel aandacht had getrokken dat er een zwerm insecten was komen aanvliegen en rennen om te kijken wat er aan de hand was. Ze hadden alles gezien. Toen iedereen van het avontuur bekomen was en Broem eindelijk merkte dat er zich zoveel insecten om hem heen verzameld hadden, kreeg hij een groot applaus voor zijn heldhaftige daad. De burgemeester (een gepensioneerde werkbij) beloofde hem een ere medaille met de woorden x91Held van het jaarx92. Maar nog mooier was dat de leraar alles had gezien en blij was te zeggen dat Broem met vlag en wimpel geslaagd was. Nu pas drong het tot Broem door. Hij had gebrommerd en gevlogen tegelijk. Broem was eindelijk een echte bromvlieg! Zijn droom was uitgekomen en hij is het bromvliegen na die dag nooit meer verleerd.

1 April 2010
By on 12:35
HET MOOIE APPELTJE

Appeltje_twee_2Sinaasappeltjes_2In de fruitschaal zat een appeltje. Helemaal alleen tussen ander fruit. In de schaal vertoefde ook een tros gele bananen, vier knaloranje sinaasappels en twee vaalgele grapefruits. Zelf was het appeltje geel van kleur, ze had alleraardigste rode blosjes en glansde dat het een lieve lust was.

x91Achx92, verzuchtte ze, x91Wat zou ik mijzelf toch graag willen zien. Ik moet zo mooi zijn met mijn prachtig ronde lichaampje, mijn unieke kleurencombinatie en mijn overweldigende glans.x92

                                                                                                      

De tros bananen – vijf broers helemaal uit Brazilixeb – zeiden om beurten dat zij inderdaad het mooiste wezentje moest zijn dat zij ooit gezien hadden. Ze waren het weer roerend met elkaar eens. Dat is overigens niet vaak het geval bij bananen moet je weten.

Misschien heb je, je wel eens afgevraagd waarom bananen bijna nooit perfect geel zijn. Nou, dat zit zo. Bananen zijn het vaak oneens met elkaar. Jazeker, op het begin zijn ze nog allemaal mooi geel, omdat ze dan nog aan de bananenboom hangen te slapen, maar op het moment dat ze geplukt worden openen ze hun oogjes en oortjes (die zo klein zijn dat wij ze niet kunnen zien) en zien ze de wereld. Vanaf dat moment beginnen zij hun eigen ideexebn en meningen te vormen. Dit is op zich niet erg, maar het probleem begint pas wanneer zij hun piepkleine mondjes openen. Aangezien geen van hen hetzelfde denkt hebben ze binnen de kortste keren ruzie. Helaas zitten ze aan elkaar vast en kunnen ze niet weglopen als ze boos zijn, dus dan stompen ze elkaar wanneer en waar het maar kan. Je begrijpt het al, zo komen ze natuurlijk aan die bruine plekken.

Maar deze broers waren anders. Ze hadden nooit ruzie en waren dus nog helemaal geel. Hoe uniek ze waren beseften ze zelf niet eens.

                                                                                                      

Het appeltje besefte dit ook niet, maar het kon haar geen biet schelen. Zij had haar eigen zorgen en zuchtte nog eens, x91Wat zou ik toch graag mijn perfect ronde lichaampje zienx92.

Nu begonnen de sinaasappels zachtjes te bewegen en elkaar aan te stoten.

x91Wat zou errr zo bijzonderrr zijn aan haarrrx92, fluisterden ze elkaar met een rollende rrr toe. Perfect rond? Dat waren zij toch zeker. Wie dacht mevrouw ijdeltuit niet wie ze was! Deze goedgevulde Spaanse nichtjes waren een tikkeltje jaloers van aard. Een ieder die ze niet de hemel in prees negeerden ze en duwden ze met hun bolle lichamen opzij. Eigenlijk zagen ze wel hoe mooi en fris het appeltje eruit zag, maar hoe meer zij dat zagen, des te kribbiger ze werden. Het appeltje had namelijk nog iets dat zij niet hadden en dat was een gave, glanzende huid. De Spaanse sexf1oritax92s hadden wel stuk voor stuk een rond lichaam, dat wel, jax85 Maar ook putjes bij de vleet, ofwel ze hadden last van een sinaasappelhuid. Ze waren zo jaloers op de gaafheid van ons appeltje dat ze bijna explodeerden van afgunst. Ons appeltje had daar echter geen boodschap aan.

                                                                                                      

De sinaasappeltjes prezen zich in ieder geval gelukkig om het feit dat zij er niet zo bleek en groots uit zagen als de twee enorme grapefruits in de fruitschaal. Twee dikke theetantes uit dezelfde streek als de sinaasappels. Niemand kreeg de vrolijke gezichten van deze dames bedrukt.

x91Kleine meid, treurrr niet. Je zult jezelf vast en zekerrr nog wel zien. Geniet!x92, kwetterden ze optimistisch. In de tussentijd kon het appeltje zich vermaken met de complimentjes van de andere vruchten als het aan de grapefruits lag.

                                                                                                      

Het appeltje begreep niet hoe ze zo optimistisch konden zijn. Het was toch zeker een trieste zaak dat zij zo buitengewoon mooi was, maar zichzelf niet kon bewonderen. Het was haar grootste wens geweest vanaf het moment dat ze geplukt was. Een appelboer had haar flink opgepoetst aan zijn mouw en toen hij klaar was met poetsen had hij hardop gezegd, x91Dit is zo een mooi appeltje, deze zal ik niet verkopen. Nee, ik houd haar lekker voor mezelfx92.

En dat had hij inderdaad gedaan. Het was daarom dat ze nu in de fruitschaal van de appelboer zat. De boer genoot elke keer als hij langs de fruitschaal liep van de prachtige glans en de mooie kleuren van het appeltje, dat net van was gemaakt leek. Op het begin had ons appeltje zijn goedkeurende blik steeds beantwoord met een stralende glimlach. De glimlach kon de boer natuurlijk niet zien. Wij mensen zien niet dat groenten en fruit dat kunnen, maar wat hij wel zag was de glimmende frisheid die ze uitstraalde.

                                                                                                      

Maar nu werd ze almaar doffer, want appeltjes die niet lachen worden vanzelf doffer dan appels die tevreden zijn. De hele dag lang zuchtte en steunde het appeltje, omdat ze niets liever wilde dan zichzelf zien. Zo werd ze elke dag een klein beetje doffer. Het werd zelfs erger toen de bananen meegenomen werden meegenomen. Stuk voor stuk verdwenen ze. Elke dag xe9xe9n. Nu had ze zelfs de complimentjes van de broertjes banaan niet meer om zichzelf te troosten. Waar ze naartoe waren gegaan wist ze niet, maar dat interesseerde haar ook helemaal niet. Het belangrijkste was dat ze nu niet eens meer werd aangemoedigd om te glanzen. Ze waren weg en dat was dat, basta!

De sinaasappeltjes – even jaloers als altijd – sloten haar buiten en de dikke theetantes hielden elkaar constant bezig. Zij hadden het gewoonweg te druk met kletsen om enige aandacht te schenken aan het wegkwijnende appeltje.

x91Wat een lot heb ikx92, verzuchtte ze weer.

                                                                                                      

Zo brak er een dag aan dat ze zo dof was geworden, dat toen de boer langs liep hij vond dat ze haar glansrijke periode wel had gehad. Het werd tijd om haar op te eten. Hij pakte haar op en ze was zo verrast dat ze meteen haar getob vergat. Waar zou ze nu naartoe worden gebracht? Misschien ging ze wel naar de broertjes banaan, of beter nog ergens waar een spiegel was, zodat ze zichzelf nu eindelijk zou kunnen zien. Terwijl ze zichzelf zo aan het verheugen was over wat er nu zou komen, bracht de boer haar naar een teiltje met water. Voordat hij haar zou opeten, ging hij haar eerst schoonwassen.

Toen brak daar een prachtig moment aan voor het appeltje. Ze werd boven de teil gehouden. En wat zag ze daar in de weerspiegeling van het water? Precies, haar eigen lieftallige persoontje. Ze werd zo blij dat ze, vlak voordat de boer het zag en haar onderdompelde in het water, nog even net zo mooi glom als enkele dagen tevoren. Helaas werd ze het volgende moment opgegeten en bleef er niks van de glansrijke volle appel over dan een mager klokhuisje. Dit klokhuisje werd in de vuilnisbak gegooid naast de bananenschil van xe9xe9n van de broertjes banaan.

x91Oh, wat fijn je weer te zien appeltje, maar meid wat ben jij veranderdx92, zei deze. x91Ik heb nooit geweten dat er onder je mooie japon zo een rank en slank figuurtje zatx92.

x91Werkelijk?x92, antwoordde het klokhuisje in haar nopjes.

x91Och, als dat echt zo is, wat zou ik mezelf dan graag willen zienx92. Ze zuchtte voor een zoveelste keer en hoopte dat ze snel weer opgetild zou worden om zichzelf te kunnen bewonderen.

x91Wat een lotx92, verzuchtte ze. En daar ligt ze nog steeds te zuchten.

31 March 2010
By on 20:00
SAM EN SIM (deel 1)

Friendlydragonwinking_u10642445Vreemde bezoekers

                                                                                     

In een ver land dat Hoca Poca heet staat een klein kasteel midden in een betoverd woud. En in dat kasteel woont een klein jongetje, genaamd Sam. Sam is geen gewoon jongetje, want Sam is een tovenaar. Niemand weet waar hij eigenlijk vandaan komt en hoe het komt dat hij kan toveren. Zelfs de mensen die in het dorp achter het woud leven weten het niet.

Voordat Sam er was stond het kasteel jarenlang leeg. Niemand van het dorp wilde er wonen. x93Wie wil er nou midden in een betoverd woud wonen?x94, zeiden de mensen. Maar op een dag was Sam er ineens en hij wilde dolgraag in het kasteeltje wonen. En daar woont hij dan nu.

Hij heeft geen vader of moeder en ook geen broertjes of zusjes. Toch is hij niet alleen. In de gracht, die rondom het kasteeltje loopt, woont zijn beste vriend: Sim. Sim is een draakje. Eigenlijk heet hij Simsalabim, maar dat is zo lang dat Sam hem liever Sim noemt en Sim vindt het best. Sam en Sim zijn de beste vrienden en samen beleven ze veel vreemde avonturen. Luister maarx85

Het is een gure, koude winteravond. Een ijzige noordenwind waait over Hoca Poca. Door stille straten en verlaten steegjes suizen kille windvlagen en laten ijsbloemen achter op de ramen van stads- en dorphuizen. Koning Winter trekt over het land en spaart niets of niemand. Sloten bevriezen, vogeltjes huiveren in hun slaap en een enkele eenzame reiziger trekt zijn kraag iets verder over zijn oren. Ook het betoverde woud moet eraan geloven. De takken van de eeuwenoude bomen zwiepen en kraken. x93Koning Winter, koning Winter is terugx94, lijken ze te kreunen. In het bleke schijnsel van de maan staat het oude kasteel statig als een rots in de branding. De gracht eromheen is aan het bevriezen en de wind fluit door elke kier die het in de muren kan vinden. Maar het is warm binnen en daarom is Sim uit zijn grot onder het kasteel geklommen om met zijn vriend Sam te genieten van een knisperend haardvuur in de woonkamer.

x93Ach, Sim oude jongen. Zoveel spreuken die ik ken, maar nog verbaast het me dat ik nooit uitgeleerd raakx94, zegt Sam, terwijl hij een stoffig, dik boek uit de xe9xe9n van zijn boekenkasten trekt en deze met een plof op de tafel laat vallen.

Sim blaast even in de open haard en wakkert het vuur iets aan.

x93Niemand raakt ooit echt uitgeleerd, zelfs jij niet Samx94, antwoordt Sim met een wijze blik in zijn ogen. Hij geeuwt eens en sluit zijn ogen weer.

Sam schuift aan tafel en trekt het magische boek x96 want dat is het x96 naar zich toe.

x93Misschien heb je wel gelijkx85 maar wat nou als ik een spreuk ontdek waardoor ik voor eeuwig blijf leven? Wat nou als ik zo oud word als jij? Jij bent heel oud en jij weet heel veel…x94

x93Ja, dat is waarx85x94, zegt de draak loom, x93ik ben zo oud als zee water draagt, de bomen wortels hebben en de zon stralen draagt, maar ik weet nog lang niet alles. En dat zal ook nooit gebeuren, maar ik heb daar vrede mee. Zo is het leven. Niet alles hoeft zo te lopen, zoals jij dat wilt, of zoals jij verwacht. Het leven is geen sprookjex94.

Sam zucht eens. x93 Toch zou het leuk zijn om een spreuk te vinden waarmee ik in xe9xe9n klap alles weet. Zodat ik me nooit meer dingen hoef af te vragen of op te zoeken. Ik weet alles dan al. Zo een spreuk zou geweldig zijn! Niet net als dit hier. Kijk, een spreuk waarmee ik dingen in speculaaskoek kan veranderen. Wat is daar nu geweldig aan?x94

Nu opent Sim xe9xe9n van zijn geel groene ogen en richt deze op het kleine mannetje aan de grote tafel voor hem. x93Ik denk niet dat het bezit van alle kennis van de wereld je gelukkig zal makenx85 En trouwens, wat is er mis met een spreuk waarmee je dingen in koek kan veranderen? Het zou je misschien ooit eens van pas kunnen komenx94.

Daar is Sam het niet mee eens en hij staat net op het punt te protesteren als er hevig op de deur wordt gebonkt.

Wie kan dat zijn?…

30 March 2010
By on 10:52
DROMEN

Bg3Zachtjes zwevend

door de lucht.

Wiegend voor even

op de stroom van een zucht.

                                                                                                      

Voorbij verre plaatsen

die nooit iemand zag.

Je zou je verbazen

bij x92t zien van alle pracht.

                                                                                                      

Elfenrijken

en bergen zo hoog

dat sterren prijken

op hun toppen, als kroon.

                                                                                                      

Fonkelend en schitterend

dansen zonnestralen

over meren die sidderend

hun warmte ervaren.

                                                                                                      

Over vreemde zeexebn,

door een vreemde lucht,

over vreemde streken

vervolgt mijn vlucht.

                                                                                                      

Kristallen kastelen,

marmeren huizen,

zilveren dakpanelen,

Bronzen bronnen die bruisen.

                                                                                                      

En wezens zo raarx85

Maar ik heb ze gezien.

Feexebn, echt waar!

En elfjes misschien.                                                                  

                                                                                                      

Ik zweef, ik vlieg.

Ik weeg bijna niets.

Ik schommel en ik wieg

op een warme luchtbries.                                                

                                                                                                      

Vanuit mijn zeepbel

waar niemand kan komen

beleef ik een schouwspel

waar alleen ik van kan dromen.


By on 10:30
DE TIJD

Madhatterclocksm_De Tijd. Soms lijkt hij stil te staan

Dan weer snel voorbij te gaan

Alsof de duvel ermee speelt

Want nooit is het wat ik wil.

                                                                            

Hij is een clown of grote grapjas

Die om zijn eigen grappen lacht

Dan springt hij onverwachts vooruit

Dan loopt hij traag, alsof hij kruipt.

                                                                              

Vadertje Tijd is wel heel oud

Maar temmen, laat hij zich voor geen goud

Dus denk goed na voordat je zegt,

x91Ik heb de tijdx92. Heb jij hem echt?


By on 10:13
OUDE WITCHY

WitchyIn de donkere nacht

vliegt oude Witchy op haar bezemsteel

Haar ijzingwekkend krijsende lach

weerklinkt evenx85 maar dan is het doodstil.

                                                                            

In de donkere nacht

vliegt oude Witchy op haar bezemsteel

Begonnen is haar kinderjacht

En in haar macht, krijgt ze wie ze maar wil.


By on 09:55
DE BETOVERING

Fairytale_g_2Elfjes en nimfen

In sprookjes en mythen

Midzomernacht dromen

Achter de nevels van Avalon

De ban van de betovering

niet gebroken

Het verwonderde kind

nog niet vervlogen.


By on 09:47
TOETSIE TROLLEBOL

413498236_a411f2be5eOoit een trollentovenaar gezien?

Toetsie Trollebol is er xe9xe9n.

Hij tovert en plaagt voor tien,

maar is nooit echt heel gemeen.

Tenminste, lief is hij ook weer niet.

Hij veranderd je zonder pardon

in een kikker of een rode biet

als hem dat toevallig uitkomt.

Dus blijf maar ver uit de buurt

van deze knorrige tovertrol,

voordat het je bezuurt

en hij je veranderd in een vieze drol.


By on 09:24
STERRENBLOEMFEETJES

Cutefairy1_3 x91Sterrenbloemfeetjesx92 is een verzamelnaam voor sterrenbloemfeetjes en sterrenvruchtfeetjes.

Sterrenbloemfeetjes leven te midden van de sterren en de verschillende, prachtig gekleurde sterrenbloemen en sterrenvruchten die daar groeien.

Sterrenbloemfeetjes hebben geen mond, maar ze kunnen wel praten. Dit doen ze namelijk door te neurixebn en ze neurixebn dan ook de oren van je hoofd (mocht je er ooit xe9xe9n tegenkomen). Hun stemmetjes zijn zo zacht dat wij als mensen het nog maar net kunnen horen, maar ze doen het zo lieflijk dat nog geen zilverbel of nachtegaal eraan kan tippen.

Als sterrenbloemfeetjes neurixebn tegen een sterrenbloemknopje of sterrenvruchtje dan maken ze een fijn droompje. Zodra een bloempje bloeit of een vruchtje rijp is krijgen een aantal mensen op aarde een fijn droompje als ze slapen. De wereld zou er een stuk plezieriger uitzien als iedereen elke nacht zulke leuke dromen had, maar helaasx85

Sterrenbloemfeetjes, moet je weten, worden omringd door heerlijke, dromerige bloemengeuren en vruchtengeuren die ze van tijd tot tijd bedwelmen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat sterrenbloemfeetjes heel slaperig door het leven gaan. Ze vallen vaak zomaar in slaap! Gelukkig dat ze in de ruimte kunnen zweven, want het maakt niet uit hoe of waar – zelfs al zijn ze net met iets bezig- ze vallen gewoon willekeurig ter plekke in slaap. Nou, en op de momenten dat ze wakker zijn, zijn ze best wel heel erg vergeetachtig. Dus tja, niet alle mensen krijgen elke nacht een mooie droom toegestuurd.

Maar tochx85 Als je vlak voor het slapengaan even heel hard aan een sterrenbloemfeetje denkt dan rinkelt er plotseling een bloempje of vruchtje tussen de sterren en schrikt er een sterrenbloemfeetje op. En wie weet krijg jij vannacht nog een fijn droompje toegestuurd.


By on 09:08